Op 12 juli 1943 vielen er bij een geallieerde luchtaanval op de textielfabriek Gernay-Delbecque in de Olmstraat zeven doden en meerdere gewonden. De Britse bommenwerper Boston III BZ316 (N°88 Squadron RAF) had eigenlijk de elektriciteitscentrale in Zwevegem als doelwit, maar door beschietingen door het Duitse afweergeschut boven Kortrijk, werd dit gemist. Luttele minuten later zag de bommenrichter de textielfabrieken in het centrum van Waregem als een acceptabel ‘second target’ en liet er zijn dodelijke lading vallen.
Eén bom kwam als blindganger (bom die niet ontploft) neer in de Olmstraat, bij de ingang van de burelen. Twee andere bommen troffen de magazijnen en het fabrieksgedeelte waar stikmachines stonden en waar nog met de hand werd geweven. Een vierde bom kwam terecht in de tuin van een huis in de Stationsstraat. Hoewel dit een tragedie was voor de slachtoffers, werd een nog grotere ramp vermeden: had de aanval de gebouwen van de weverij getroffen, waar op dat moment meer dan honderd mensen aan het werk waren, of een van de drie nabijgelegen scholen waar toen ongeveer 1 000 leerlingen school liepen, dan had het leed nog veel groter kunnen zijn. Desalniettemin was de tol hoog met zeven dodelijke slachtoffers en meerdere gewonden.
Precies 75 jaar later, op 12 juli 2018, wordt op deze locatie een herdenkingsmonument voor de slachtoffers opgericht. Dit monument is een resultaat van het opzoekingswerk van enkele Waregemnaars (Marc Crabeels, Paul Deweer en Johan Durnez) en de stad Waregem.